In Word zit een functie Enveloppen en etiketten. Welke mogelijkheden hierachter zitten wordt hier uitgelegd. In dit deel leer je hoe je een adres op een envelop afdrukt, hoe je een reeks enveloppen tegelijk kunt afdrukken en hoe je een adreslijst automatisch kunt maken. Met deze adreslijst kun je vervolgens een reeks enveloppen afdrukken, waarbij je zelf aangeeft welke adressen wel en niet afgedrukt worden. Natuurlijk komt de opmaak van de envelop ook aan bod.
Het adresseren van enveloppen
We beginnen met het één voor één voorzien van enveloppen met adressen. Kies in de menubalk onder Extra / Brieven en Verzendlijsten voor Enveloppen en Etiketten. Zie afbeelding 1. Enveloppen en etiketten:
Afb.1. Enveloppen en etiketten
Nu ben je klaar om af te drukken. Klik op Afdrukken in het venster Enveloppen en etiketten en leg de envelop op de aangegeven manier in de printerlade.
Let op: het kan zijn dat je de printerinstellingen moet veranderen om dit envelopformaat af te kunnen drukken. Ga via Deze computer (op je desktop) naar Configuratiescherm / Printers en faxapparaten en selecteer de aangesloten printer. Kies in het menu voor de optie Voorkeursinstellingen selecteren. Ga in het hulpvenster "printer" Voorkeursinstellingen naar het tabblad Papier. Kies bij Formaat het juiste formaat, in dit geval Envelop DL. Sluit het venster en ga terug naar je document. Hier kun je nogmaals de envelop afdrukken.
Een adreslijst aanmaken en meerdere enveloppen achter elkaar afdrukken
Om meerdere enveloppen achter elkaar af te drukken met verschillende adressen is het handig eerst een adreslijst te maken. In Word zit een hulpprogramma waarmee je een complete lijst met persoonsgegevens gemakkelijk kunt maken en bewaren. Je kunt bij het afdrukken ook een selectie maken uit de totale lijst, zodat bepaalde personen of bijvoorbeeld telefoonnummers niet afgedrukt worden.
Open een nieuw document en kies in het menu onder Extra / Brieven en Verzendlijsten de optie Wizard Afdruk samenvoegen. Zie afbeelding 4. Wizard Afdruk samenvoegen:
Afb.4. Wizard Afdruk samenvoegen
|
In het rechter taakvenster kies je onder het kopje Begindocument selecteren de optie Documentindeling wijzigen. Hieronder zie je nu het kopje Opties voor enveloppen& staan. Klik deze aan en het hulpvenster Envelop-opties (afbeelding 3) verschijnt op je beeldscherm.
Hierin kun je net als bij de eerste oefening de envelopgrootte en het lettertype van het adres wijzigen. Ben je tevreden, klik op OK en je komt terug in je begindocument met rechts het taakvenster Samenvoegen.
|
Klik rechts onderin op Volgende en je komt in stap 3 van de Wizard terecht. Onder Adressen selecteren kies je nu voor de optie Nieuwe lijst typen. Klik op Maken& onder het nu verschenen kopje Een nieuwe lijst typen. Er verschijnt een hulpvenster Nieuwe adreslijst waarin je personen en bijbehorende adressen in een lijst kunt invoeren. Zie afbeelding 5. Nieuwe adreslijst: Vul hier de gegevens in en klik steeds op de knop Nieuw item als je een volgend persoon wilt invoeren. Je kunt ook extra gegevens invoeren die je niet op de envelop afgedrukt wilt hebben, zoals bijvoorbeeld telefoonnummers en emailadressen. Later in de Wizard kun je namelijk kiezen welke velden uit de lijst met persoonsgegevens afgedrukt moeten worden.
Onder in het venster zie je hoeveel namen in de lijst zijn opgenomen. Is de adreslijst (voorlopig) volledig, klik dan op sluiten. Nu wordt je gevraagd om het document een naam te geven en op te slaan. Er verschijnt een hulpvenster Geadresseerden voor Afdruk samenvoegen. Zie afbeelding 6. Lijst met geadresseerden:
Afb.6. Lijst met geadresseerden.
Envelop schikken
Klik rechtsonder in het beeldscherm op Volgende: Een envelop schikken. Dit is stap 4 van de Wizard. Klik eerst een paar keer midden in het envelop-document, zodat het adresveld (zie afbeelding 8) zichtbaar wordt en je niet per ongeluk het veld van de afzender aan het bewerken bent. Het is handig om het beeld op Afdrukweergave te zetten. Dit kun je vinden onder Beeld in de menubalk.
Klik vervolgens rechts in het taakvenster Samenvoegen op de optie Adresblok. Je kunt nu aangeven hoe de geadresseerde moet worden weergegeven. Zie afbeelding 7. Adresblok invoegen: Stel je voorkeur in en klik op OK. Het venster wordt gesloten en je ziet in het document dat er data in het adresveld komt te staan. Zie afbeelding 8 Adresveld: Klik op Volgende rechtsonder in het taakvenster en je ziet hoe het adres op de envelop komt te staan (je zit nu in stap 5 van de Wizard). Boven in het taakvenster rechts kun je door de reeks enveloppen bladeren onder Envelopvoorbeeld: klik op de knoppen of . Ben je tevreden, dan kun je nu de enveloppen gaan afdrukken.
|
Afdrukken gebeurt in stap 6 van de Wizard. Klik in het taakvenster op Volgende: Samenvoeging voltooien. Onder Samenvoegen klik je op Afdrukken. Eerst verschijnt er een hulpvenster Samenvoegen naar printer. Klik hier op OK. Vervolgens verschijnt het venster Afdrukken, waarin je de afdrukinstellingen kunt wijzigen.
Leg de enveloppen op de juiste wijze in de printerlade. Let op: waarschijnlijk kun je niet alle enveloppen tegelijk in de lade leggen. Vul deze dan later aan. De printopdracht onderbreekt wanneer de toevoer stopt en vervolgt vanzelf wanneer er nieuwe enveloppen klaar liggen.
bron: hcc.nl
| < Vorige |
|---|


